
OWR Formulier en Buitenlands Vastgoed
Veel DGA’s met een vakantiehuis in het buitenland denken dat het OWR-formulier (Opgaaf Werkelijk Rendement) alleen handig is als je rendement laag is. Maar let op: ook als je méér verdient dan het forfait, kan het formulier alsnog in je voordeel werken.
Sterker nog: niet indienen kost je in sommige gevallen gewoon geld. En dat komt door een ‘rekentruc’ die maar weinig mensen snappen.
Mocht je niet weten wat het OWR-formulier is, lees daar dan meer hier over.
De breuk die je geld kost (of oplevert)
Nederland wil graag belasting heffen op je wereldwijde vermogen. Maar als het land waar je vastgoed staat ook al belasting heft, moet Nederland dat ‘compenseren’. Dat heet de ‘voorkoming van dubbele belasting’.
Die compensatie wordt bepaald via een breuk:
- Teller: je buitenlandse inkomen
- Noemer: je wereldinkomen
Voorbeeld: Eva en de dubbele belasting breuk
(Leest net als een Kuifje verhaal bovenstaande titel he?)
Eva heeft een belast box 3-voordeel van € 80.000. Bij het huidige box 3-tarief van 36% betekent dat een heffing van € 28.800.
Stel: dit voordeel komt voort uit een wereldinkomen van € 80.000, waarvan € 20.000 afkomstig is uit buitenlands vastgoed.
Dan geldt de verhouding 20.000 / 80.000 = 1/4.
Nederland verleent dan een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting van 1/4e van € 28.800, oftewel € 7.200.
Per saldo betaalt Eva in Nederland dus € 21.600 aan belasting, los van wat het buitenland zelf nog heft.
In het oude systeem keek men naar de waarde van je vermogen (het forfait). Maar met de tegenbewijsregeling draait het om je werkelijke rendement. En dan ziet die breuk er ineens héél anders uit.
Voorbeeld: Bram met twee panden
Bram heeft een beleggingspand in Nederland en een vakantiehuis in Spanje. Beide € 500.000 waard.
Forfaitair stelsel:
Beide panden zijn evenveel waard. Dus: 50% van z’n box 3-vermogen is buitenlands. De aftrek voor dubbele belasting is ook 50%.
Werkelijk rendement:
Het Nederlandse pand levert € 50.000 op, het Spaanse pand € 20.000. Dan is de verhouding ineens 2/7e. Minder buitenlands inkomen, dus minder aftrek. Gevolg: méér belasting, terwijl het buitenlandse pand juist minder oplevert.
En het wordt nog vervelender bij eigen gebruik
Gebruik je het buitenlandse pand alleen zelf, zoals dat vakantiehuis in Spanje? Dan is het werkelijke rendement nul. En dus krijg je helemaal geen aftrek meer. Terwijl je in het oude systeem nog wél compensatie kreeg, puur op basis van de waarde.
Dat maakt de keuze voor het OWR-formulier extra spannend. Want het voelt alsof je jezelf benadeelt door eerlijk je rendement op te geven.
Gelukkig zit er een vangnet in het formulier
De Belastingdienst zegt zelf: je wordt nooit slechter af door het OWR-formulier in te dienen.
Dat klopt ook met de bedoeling van de wet: je mag nooit méér belasting betalen als je werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire. En ook als de breuk ongunstig uitvalt, past het systeem dat aan.
Soms leidt een hoger werkelijk rendement zelfs tot méér aftrek. Omdat de verhouding tussen binnenlands en buitenlands inkomen dan weer in jouw voordeel verschuift.
Dus wat moet je doen?
- Heb je buitenlands vastgoed?
- Gebruikt je gezin het vooral zelf, of levert het nauwelijks iets op?
- Twijfel je of het OWR-formulier gunstig of juist nadelig uitpakt?
Laat het dan goed doorrekenen. Want dit is typisch zo’n geval waar de letter van de wet en de praktijk van de aangifte niet helemaal op elkaar aansluiten.
Het voelt misschien veiliger om het formulier niet in te dienen, maar in werkelijkheid loop je dan vaak geld mis.
Kennismaken?
Wil je een keer sparren met ons over jouw situatie en financiële vraagstukken? Plan hieronder je kennismaking in.