
Geld op de bank het meest interessant?!
Interessanter (of net zo interessant) dan 5% rendement met beleggingen EN interessanter dan investeren in vastgoed? Het zou zo maar eens kunnen…
Om dit goed te begrijpen, moet je eerst even weten hoe de belastingheffing in Box 3 momenteel werkt (in principe t/m 2027).
Je vermogen wordt namelijk in drie vermogensgroepen ingedeeld:
- Banktegoeden
- Overige bezittingen (onder meer beleggingen en onroerend goed)
- Schulden
Per categorie geldt een eigen forfaitair rendement.
- Voor het spaargeld wordt uitgegaan van een forfaitair rendement op basis van de actuele spaarrente. Voor 2025 (en waarschijnlijk ook voor 2026) is het percentage vastgesteld op 1,44%.
- Bij het vaststellen van het forfaitair rendement van beleggingen wordt uitgegaan van het meerjarige gemiddelde rendement op beleggingen. Voor 2025 is het percentage vastgesteld op 5,88%, maar in 2026 wordt dit 7,78% (een stijging van meer dan 30%)!
- Voor schulden is het percentage vastgesteld op 2,62% in 2025 en waarschijnlijk ook in 2026.
Let op! Dit zijn nog voorlopige percentages, want de rendementen voor de 3 groepen worden pas na afloop van het jaar definitief vastgesteld.
En in deze 3 verschillende groepen met bijbehorende percentages zit ook de crux van het verhaal.
Als jij beleggingen of vastgoed hebt, dan valt dat onder de vermogensgroep ‘overige bezittingen’. Dat betekent dus dat er vanuit wordt gegaan dat je in 2026 7,78% rendement maakt op deze investeringen.
Banktegoeden en deposito’s daarentegen vallen onder ‘banktegoeden’. Hierbij wordt er dus vanuit gegaan dat je 1,44% rendement maakt op je tegoeden.
Voorbeeld 1: Beleggen versus Deposito’s
Let op! De berekening van de Box 3 belasting is vrij complex, omdat na de berekening van het forfaitaire rendement nog 5 stappen moeten worden genomen om tot de definitieve belastingberekening te komen. We nemen daarom een vereenvoudigd voorbeeld en houden geen rekening met eventuele schulden en vrijstellingen in Box 3.
Beleggingen:
Je hebt € 100.000 en je stopt dat in beleggingen. Als we er vanuit gaan dat dat netto 5% rendement oplevert, is dat dus € 5.000,-.
Belasting in 2026:
Overige bezittingen: € 100.000 x 7,78% = € 7.780,-.
In 2026 betaal je daar 36% (als het hetzelfde blijft als in 2025…) belasting over, ofwel € 2.801,-.
Resume:
Werkelijk rendement: € 5.000,-
Belasting: € 2.801,-
Netto: € 2.199,-
Deposito’s:
Je hebt € 100.000 en je stopt dat in een deposito die je 2 jaar vast zet. Het rendement bedraagt 2,65% (via bijvoorbeeld een Raisin rekening). Dat is dus € 2.650,-.
Belasting:
Spaartegoeden: € 100.000,- x 1,44% = € 1.440,-.
In 2026 betaal je daar 36% belasting over, ofwel € 518,-.
Resume:
Werkelijk rendement: € 2.650,-
Belasting: € 518,-
Netto: € 2.132,-
Met beleggen zou je in dit voorbeeld dus slechts € 67,- meer overhouden…
Een kanttekening: door een recente uitspraak van de Hoge Raad mag je ook in 2026 het werkelijke rendement aan gaan houden, als deze lager is dan het afgesproken forfaitair rendement. Hoe dat er daadwerkelijk uit gaat zien is nog erg onduidelijk, in de zomer van 2025 komt de Belastingdienst met meer nieuws daarover. Wanneer je het werkelijke rendement mag aanhouden ziet deze hele berekening er rooskleuriger uit, maar toch wordt het in de basis niet gestimuleerd om rendement te gaan maken…
Voorbeeld 2: Vastgoed versus Deposito’s
Vastgoed
Je hebt € 100.000 en je koopt daar een pandje voor en verhuurt dat (even hypothetisch, puur voor de vergelijking en om makkelijk te rekenen). Historisch gezien levert dat 5,3% rendement op (huur/kosten/waardeontwikkelingen erin verdisconteerd). Dat betekent dus dat er € 5.300,- rendement zou worden gemaakt.
Belasting in 2026:
Overige bezittingen: € 100.000,- x 7,78% = € 7.780,-.
In 2026 betaal je daar 36% (net als in 2025) belasting over, ofwel € 2.801,-.
Resume:
Werkelijk rendement: € 5.300,-
Belasting: € 2.801,-
Netto: € 2.499,-
Deposito’s:
Je hebt € 100.000 en je stopt dat in een deposito die je 2 jaar vast zet. Het rendement bedraagt 2,65% (via bijvoorbeeld een Raisin rekening). Dat is dus € 2.650,-.
Belasting:
Spaartegoeden: € 100.000,- x 1,44% = € 1.440,-.
In 2026 betaal je daar wellicht dus 36% belasting over, ofwel € 518,-.
Resume:
Werkelijk rendement: € 2.650,-
Belasting: € 518,-
Netto: € 2.132,-
Je houdt dus € 367,- netto minder over met zo’n deposito ten opzichte van vastgoed (in dit voorbeeld). Vastgoed levert je dus zeker meer op, alleen het verschil is minimaal als je het vergelijkt met een ‘simpele’ deposito en je geld gewoon vastzetten gedurende twee jaar.
Kanttekeningen
Een aantal kanttekeningen:
Zoals al eerder gezegd, door een recente uitspraak van de Hoge Raad mag je ook in 2026 het werkelijke rendement aan gaan houden, als deze lager is dan het afgesproken forfaitair rendement. Hoe dat er daadwerkelijk uit gaat zien is nog erg onduidelijk, in de zomer van 2025 komt de Belastingdienst met meer nieuws daarover. Wanneer je het werkelijke rendement mag aanhouden ziet deze hele berekening er rooskleuriger uit, maar toch wordt het in de basis niet gestimuleerd om rendement te gaan maken…
Het betreft een versimpeld voorbeeld, en juist een complexer (en realistischer) voorbeeld maakt de berekening natuurlijk helemaal anders qua schulden, heffingsvrij vermogen etc. Dat heffingsvrij vermogen willen ze in 2026 ook nog eens verlagen van € 115.368,- naar € 107.792,- (voor fiscaal partners).
We maken graag een Financial Life Plan op maat voor jou!
Eens in gesprek over dit soort vergelijkingen? En weten of een financieel plan op maat iets voor jou zou zijn? Plan een gesprek in via onderstaande tool!