Box 3 belasting berekenen

Box 3 belasting berekenen

Je Box 3 belasting berekenen… Dat blijft een lastig iets om zelf te doen! Gebruik onderstaande tool en je hebt direct inzicht!

Box 3 rekentool 2025/2026 (voorlopig)

Invoer

Vermogensbestanddelen


Kies per regel: sparen, overige bezittingen of schulden.

Percentages 2025: sparen 1,44%, overige bezittingen 5,88%, schulden 2,62%.
Percentages 2026 (voorlopig): sparen 1,44%, overige bezittingen 6,00%, schulden 2,62%.

Heffingsvrij vermogen 2025: alleenstaand € 57.684, partners € 115.368.
Heffingsvrij vermogen 2026 (voorlopig): alleenstaand € 51.396, partners € 102.792.

Tarief box 3: 36%.

Disclaimer:
De rekentool van Financial Life Plan geeft slechts een globale indicatie en is geen persoonlijk financieel advies. De uitkomsten kunnen onjuist of onvolledig zijn en hangen af van uw eigen invoer en veranderende wet- en regelgeving. U kunt geen rechten ontlenen aan de resultaten. Financial Life Plan is niet aansprakelijk voor schade door gebruik van de tool; raadpleeg altijd een deskundige adviseur voor belangrijke financiële beslissingen.

Resultaat

Vermogen (overzicht)
Spaargeld: € 0,00
Overige bezittingen: € 0,00
Schulden (aftrekbaar): € 0,00
Forfaitair rendement
Rendement spaargeld: € 0,00
Rendement overige bezittingen: € 0,00
Rendement schulden: € 0,00
Belastbaar rendement: € 0,00
Grondslagen
Rendementsgrondslag: € 0,00
Heffingsvrij vermogen: € 57.684,00
Heffingsgrondslag: € 0,00
Box 3-inkomen & belasting
Aandeel rendementsgrondslag: 0,00%
Box 3-inkomen: € 0,00
Belasting box 3: € 0,00
Belastingdruk 2025 vs 2026
Belasting 2025 (zelfde vermogen): € 0,00
Belasting 2026 (zelfde vermogen): € 0,00
Verschil (2026 – 2025): € 0,00
Verschil in % t.o.v. 2025: 0,00%
Visuele vergelijking (lengte balk = hoogte belasting)
2025
2026

Vind je dat je teveel Box 3 belasting betaald? Soms is het mogelijk om dit te verlagen, laat dit altijd goed onderzoeken door een specialist (want ondanks dat het soms lijkt dat het slim is om te gaan verlagen, hoeft dat niet perse zo te zijn). Hier vind je wat inspiratie om kritisch naar je Box 3 te kijken!

Hoe werkt Box 3 nu wettelijk?

Hoe de belastingheffing in box 3 op dit moment wettelijk werkt (in principe t/m 2027) beschrijf ik hieronder. Inmiddels is er een uitspraak van de Hoge Raad waarbij gerekend mag worden met daadwerkelijk rendement, hoe dat precies werkt kun je lezen in deze blog over het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement.

Je vermogen wordt in drie vermogens groepen ingedeeld:

  • Banktegoeden
  • Overige bezittingen (onder meer beleggingen en onroerend goed)
  • Schulden

Per categorie geldt een eigen forfaitair rendement. 

  1. Voor het spaargeld wordt uitgegaan van een forfaitair rendement op basis van de actuele spaarrente. Voor 2025 is het percentage vastgesteld op 1,44%.
  2. Bij het vaststellen van het forfaitair rendement van beleggingen wordt uitgegaan van het meerjarige gemiddelde rendement op beleggingen. Voor 2025 is het percentage vastgesteld op 5,88%, voor 2026 6%. 
  3. Voor schulden wordt aangesloten bij de hypotheekrente. Voor 2025 is het percentage vastgesteld op 2,62%. 

Let op! Dit zijn nog voorlopige percentages, want de rendementen voor de 3 groepen worden pas na afloop van het jaar definitief vastgesteld (ook best bijzonder).

Als jij beleggingen of vastgoed hebt, dan valt dat onder de vermogensgroep ‘overige bezittingen’. Dat betekent dus dat er vanuit wordt gegaan dat je 5,88% (2025), 6% (2026) rendement maakt op deze investeringen.

Banktegoeden en deposito’s daarentegen vallen onder ‘banktegoeden’. Hierbij wordt er dus vanuit gegaan dat je 1,44% rendement maakt op je tegoeden.

Vanaf 2027 / 2028 komt (hoogstwaarschijnlijk) een nieuwe Box 3 systeem, meer daarover lees je hier.

Berekening Box 3

Hoe bereken je nou je te betalen Box 3 belasting? 

  • We gebruiken de voorlopige rendementspercentages die we hierboven hebben genoemd om het rendement per ‘soort vermogen’ op 1 januari uit te rekenen.
  • Het rendement van bank- en spaartegoeden en contant geld tel je op bij het rendement van beleggingen en andere bezittingen. Het totaal verminder je met het rendement op de aftrekbare schulden. Dit is je belastbaar rendement.
  • Daarnaast bereken je je vermogen. Dat bestaat uit het totaal van de soorten vermogens die je hebt. Dus je bezittingen min je schulden. En de schulden verminder je eerst met de drempel (€ 3.800 voor alleenstaanden/ € 7.600 voor fiscaal partners). Dit is je rendementsgrondslag.
  • Je vermogen verminder je met het heffingsvrij vermogen (€ 57.684 voor alleenstaanden / € 115.368 voor fiscaal partners). Dan heb je de heffingsgrondslag sparen en beleggen. Je mag de heffingsgrondslag verdelen als je een fiscale partner hebt. Let op, in 2026 gaat het heffingsvrij vermogen verder naar beneden.
  • Je deelt je heffingsgrondslag sparen en beleggen door de rendementsgrondslag en vermenigvuldigt dit met 100 (afgerond op 2 decimalen achter de komma). Dit percentage is je aandeel in de rendementsgrondslag.
  • Je vermenigvuldigt je belastbaar rendement met dit percentage. De uitkomst is je box 3-inkomen.
  • Over je box 3-inkomen betaal je in 2025 36% belasting.

Tja, snap je er nog iets van? Leuker kunnen we het niet maken, wel ingewikkelder en duurder!

We proberen het een beetje te verduidelijken aan de hand van een voorbeeld. 

Voorbeeld (2025):

Je hebt een fiscaal partner en jullie vermogen bestaat uit € 100.000 spaargeld, beleggingen met een waarde van € 150.000, een beleggingspand met een WOZ waarde van € 300.000 een schuld van € 250.000.

Stap 1: bereken het rendement per soort vermogen

Bank- en spaartegoeden en contant geld: € 100.000 x 1,44% = € 1.440.

Beleggingen, beleggingspand en andere bezittingen: € 450.000 x 5,88% = € 26.460
Het rendement op de bezittingen is in totaal € 27.900.

Schulden:
Op de schuld wordt de drempel in mindering gebracht. De drempel is € 3.800 per persoon.
De aftrekbare schuld is: € 250.000 – € 7.600 = € 242.400,-.
Het rendement op de aftrekbare schulden: € 242.400 x 2,62% = € 6.351,-

Het belastbaar rendement is € 27.900 – € 6.351 = € 21.549.

Stap 2: bereken je gezamenlijk vermogen

Bezittingen: € 100.000 + € 150.000 + € 300.000 = € 550.000

Aftrekbare schulden: € 242.400

Vermogen: € 550.000 – € 242.400 = € 307.600

Je vermogen (de gezamenlijke rendementsgrondslag) is € 307.600.

Stap 3: bereken de heffingsgrondslag sparen en beleggen

De grondslag sparen en beleggen is de rendementsgrondslag verminderd met het heffingsvrij vermogen.
Het heffingsvrij vermogen is in 2024 € 57.684 per persoon. Dus voor jou en je fiscaal partner samen € 115.368.
Heffingsgrondslag sparen en beleggen: € 307.600 – € 115.368 = € 192.232.
Je geeft de gehele heffingsgrondslag sparen en beleggen op. Dus € 192.232.

Stap 4: bereken je aandeel in de rendementsgrondslag

Deel je grondslag sparen en beleggen door de rendementsgrondslag. En vermenigvuldig de uitkomst met 100. Rond af op 2 decimalen achter de komma.

Je grondslag sparen en beleggen € 192.232 : rendementsgrondslag € 307.600 x 100 = 62,49%

Stap 5: bereken je voordeel uit sparen en beleggen

Het voordeel uit sparen en beleggen is het belastbaar rendement vermenigvuldigd met je percentage van het aandeel in de rendementsgrondslag je voordeel uit sparen en beleggen: € 21.549 x 62,49% = € 13.465.

Stap 6: bereken de te betalen belasting in box 3

Over je vermogen betaal je 36% x € 13.465 = € 4.847 belasting.

Waar je vroeger ongeveer 1,2% van je bezittingen minus schulden minus heffingsvrij vermogen betaalde, hebben ze er nu dit van gemaakt. Ingewikkelder en duurder dus.

Boek hier je vrijblijvende kennismaking!

Bij Financial Life Plan helpen we (vooral) ondernemers aan mooie financiële plannen op maat. Onze unieke insteek en ervaring zorgt ervoor dat we financieel plannen, maar altijd met een fiscale insteek. Wat niemand houdt van onnodig teveel belasting betalen hebben we gemerkt. Wil je eens onderzoeken of zo’n financieel plan op maat iets voor je is? Plan onderstaand dan een vrijblijvende kennismaking:

Wil jij een financieel plan dat écht voor jou werkt?
Plan hier je kennismaking

Lees ook:

Werkgeverslasten DGA in 2026

Werkgeverslasten DGA in 2026

Door Dirk Zuijdwegt 15 juli 2026

Als je als directeur-grootaandeelhouder salaris uit je BV haalt, wil je vooral één ding weten: wat kost dat je BV nu echt? Bij werkgeverslasten DGA gaat het niet alleen om je brutoloon, maar ook om loonbelasting, premie volksverzekeringen, de bijdrage Zorgverzekeringswet en de vraag of jouw BV wel of geen premies werknemersverzekeringen moet betalen. Juist […]


DGA ziek: wie betaalt je loon?

DGA ziek: wie betaalt je loon?

Door Dirk Zuijdwegt 15 juli 2026

Word je als directeur-grootaandeelhouder ziek, dan wil je snel weten hoe de loondoorbetaling bij ziekte voor een DGA in 2026 werkt. Het korte antwoord: heb je een arbeidsovereenkomst met je eigen bv, dan geldt in beginsel dezelfde hoofdregel als voor andere werknemers, namelijk maximaal 2 jaar loondoorbetaling en minimaal 70% loon bij ziekte. Tegelijk ben […]


Doorbetaaldloonregeling voor de DGA: zo werkt het in 2026

Doorbetaaldloonregeling voor de DGA: zo werkt het in 2026

Door Dirk Zuijdwegt 15 juli 2026

De doorbetaaldloonregeling voor DGA’s is in 2026 nog steeds relevant als je werkt met een holding en een of meer werk-bv’s. Toch gaat het in de praktijk vaak mis op twee punten: de verhouding tussen hoofdwerkgever en nevenwerkgever, en de vraag of je de regeling alleen voor loonheffingen toepast of ook voor werknemersverzekeringen. Als je […]